De eerste helft van de zomervakantie bleven we in eigen land zoals ik al eerder had geschreven. De tweede helft gingen we op pad!

Na wekenlange droogte zetten wij na honderden kilometers rijden, op de Italiaans-Oostenrijkse-Zwitserse Alpen onze tent op. Op precies hetzelfde moment barste de lang gewenste regen los, de riooldeksels vlogen de lucht in, het grindpad veranderde in een snelstromend riviertje en wij hebben nog nooit zo snel een tent opgezet.

Zo begon de vakantie.

Na die bui bleef het droog en warm, dus konden we in ons vertrouwde tempo onze vakantie vieren. Manlief beklom de Alpen met zijn fiets, dochterlief veranderde in een zeemeermin en verbleef van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat in het zwembad en ik haakte me suf. Zo af en toe maakten we uitstapjes en speelden we spelletjes in de tent.

Na een aantal weken op Italiaanse, Zwitserse en Franse bodem, begon ook het gevoel van thuiskomen te lonken en dus zetten we koers naar huis. Misschien vind ik dat wel het leukste aan kamperen: het thuiskomen. Lekker je eigen douche, koken zonder rugklachten, slapen zonder steen in je rug, boodschappen doen zonder woordenboek… heerlijk!

mijn haakhuis

Toen iedereen het huis uit was, kroop ik in mijn tuinhuis en maakte het weer knus en klaar voor gebruik! De eerste prive-haaklessen en workshops staan al gepland, ik heb er zin in! Tot snel!

-xxx- Saskia